Van idioot tot politicus (en terug)
Vanochtend kwamen lijsttrekkers en campagneleiders van D66 bij elkaar om de campagne voor de statenverkiezingen van 2011 te bespreken. Wat we daar bespraken, ga ik u op 3 maart verslag van doen, want dan heb ik het overzicht. Wat mij nu interesseert is dat daar 45 burgers bij elkaar waren, allen bezorgd over de ontwikkeling van onze democratie. Kortom vrijwilligers zijn we, maar wel aardige vrijwilligers.
Politici en Idioten
Deze vrijwiligers gaan zich de komende zes maanden voorbereiden voor het politieke ambt. Ze gaan hate-mail krijgen, scherp aangesproken worden door journalisten, en zich staande moeten houden. Vol ideeen gaan ze zich vastlopen in 20000 pagina’s ambtelijke stukken, in de overwegingen van moties, amendementen en vragen en ondertussen hopen ze te schitteren in het debat. Gelukkig kun je ook nog baby’s kussen op de markt. Niet veel later gaan ze aan het pluche hechten en voor ze het weten zijn het zakkenvullers (à 1100 Euro per maand – let wel). Een volksvertegenwoordiger verdient nog altijd minder dan een handelsvertegenwoordiger. De eerste krijgt wel een OV jaarkaart en de tweede een lease-bak. Zo ben je van burger politicus geworden. Of niet. Want een politicus blijft toch ook een burger, of was een burger toch eigenlijk ook al niet politicus, want politiek slaat op samenleven of zich betrokken voelen bij de samenleving, in tegenstelling tot wat de Grieken “idioten” noemen die zich alleen met hun eigen zaken bezig houden. Ik vind de gedachte dat ook burgers politici wel sympathiek, maar dan past ook een publiek profiel. Daar past niet bij het anoniem of pseudoniem schelden op internet of Twitter. U weet mij al snel te vinden en U weet ook waar mijn kinderen naar school gaan (afblijven). Daar past ook het besef dat uitspraken en keuzes consequenties hebben (burger zijn is niet vrijblijvend en een proteststem is geen programma). Zo stemt Hiddema op Wilders “omdat hij wel een punt heeft”, maar is het niet eens met drie kwart van het programma van de PVV. Dat is kortzichtig, en het lost niets op. Maar goed, volgens de Grieken zijn er in de politiek dus geen idioten. Dat is al een gehele geruststelling. maar ik wil daar een kanttekening bij plaatsen: als de politicus de publieke zaak uit het oog verliest en vooral zijn eigen private belang zeker wil stellen is hij toch feitelijk een idioot?
Twijfel en Geweten
Ik heb mij voorgenomen in de komende vier jaar daar een dagboek over bij te houden: de transformatie van burger in een politicus. Na het Handboek kandidaat (te bestellen via deze site) volgt dan het Handboek Politicus. Een van de valkuilen van de politicus is dat hij op alles een antwoord moet hebben. Een antwoord als: dat weet ik (nog) niet kan niet, geloof ik. Wat je wel moet zeggen is zoiets: De vraag is voorbarig, we bespreken dit in de fractie en we komen bij u terug. Zeg je dat niet dan wordt je teruggefloten, geloof ik. Alleen briljante politici (van Mierlo kunnen zeggen dat ze het niet weten, maar het zou voor veel politici handig zijn als ze even geduld betrachten voor ze iets zeggen: want soms wil je meer gegevens of gevoelens verzamelen voor je iets uitspreekt. Nog moeilijker is dat je op verschillende niveau’s elk onderwerp kunt behandelen. De laatste weken zijn we er aan herinnerd dat politici een geweten hebben, ze hebben een ideaal (geloof ik), ze hebben een strategie, ze hebben een taktiek, een eer (geloof ik) en ze hebben een geloofwaardigheid. Maar er wordt ook wel een beroep op ze gedaan over hun eigen schaduw heen te stappen, dat wil zeggen het geweten, de idealen, de strategie etc… Dat maakt dat er op elke vraag meerdere redelijke antwoorden mogelijk zijn. Moeilijk hoor.
Schaduw en demoniseren
Nog moeilijker is het als een politicus niet alleen maar over zijn eigen schaduw moet stappen maar ook nog eens over de schaduw van zeg eens 1,5 miljoen kiezers, om een willekeurig getal te noemen. In dat kader is ook het begrip demoniseren aan de orde. In relatie tot de “politicus” en de “idioten” is het de vraag wat demoniseren betekent: het wordt een soort transcendent begrip. In het demoniseren van de politicus demoniseer je ook alle “idioten” die op hem stemmen, alsof een aanval op één ook meteen in alle aanhangers neerdaalt. Het inwisselen van politicus en aanhang of het samentrekken van aanhang en leider is niet nieuw, maar in een democratie is een stem maar een tijdelijk teken van vertrouwen en geen bezit. De politicus is geen eigenaar van zijn “idioten”. Maar even terug: een volksvertegenwoordiger is inderdaad een vertegenwoordiger en daarbij is de vraag wie en hoe hij vertegenwoordigd.
Wat is vergetenwoordigen
Het “wie” ligt lastig: je zou kunnen zeggen dat een volksvertegenwoordiger het hele volk vertegenwoordigt of alleen zijn eigen kiezers. Ik stel voor dat ten aanzien van het hele volk de volksvertegenoordiger trouw aan de grondwet belooft (brede mandaat) en daardoor het ambt van volksvertegenwoordiger erkent. Ten aanzien van zijn eigen kiezers het verkiezingsprogramma uitvoert (smalle mandaat). Dat is geen improvisatie, ik geloof dat dat de gedeelde opvatting is.
Sommige politici vinden dat met een persoonlijk aanval op de politicus de gehele achterban wordt meegezogen, maar vergeten dat een willekeurige maar moreel herkenbare politicus als Ab Klink ruim 30000 voorkeurstemmen heeft en ook een achterban en een eigen mandaat heeft. Die hoeft niet zomaar een congres te volgen want hij vertegenwoordigd mensen en hij hoeft ook geen verklaring aan de PVV te overleggen. Vooral Wilders maakt zich schuldig aan deze assymetrie want PvdA stemmers zijn stemvee, dat had u al geraden.
Last en Ruggespraak (zonder…)
Mijn visie op hoe vertegenwoordigen is dat je gekozen wordt op een mandaat, dat mandaat is een programma. Dat programma is deels een visie op problemen en deels concrete standpunten. Bij de visie is nog een open einde, dat wil zeggen dat je er later nog met de kiezers over in gesprek gaat. De concrete punten zijn een collectie breekpunten en onderhandelbare punten. Ik heb al eerder gestelt dat de PVV consequent de grondwet aanrand, nu ook weer naar het CDA toe. De PVV voldoet dus niet aan de definitie van het brede mandaat. Dat zou tot daaraantoe zijn als het wel het smalle mandaat eert. Maar aan de contouren van het niet voltooide VVD-CDA akkoord mag afgeleid worden dat de PVV het breekpunt AOW-65 intrekt, meegaat met het afschaffen van de basisbeurs en niets aan de topinkomens en bonussen doen. Daarmee is het sociale gezicht schijn en laat de PVV de verdenking op zich dat het alleen uit is op macht, maar dan wel op het goede moment. Dat roept de vraag op of het de PVV echt om de publieke zaak gaat. Het lijkt er op dat Wilders vooral opgestapt is bij de VVD uit rancune geen staatssecretaris te zijn geworden. De PVV is een vehikel om hem aan de macht te brengen (hij is de enige politicus met een masterplan stelt Rob Oudkerk). De vraag is dan of Wilders echt een politicus of eigenlijk met een private aangelegenheid bezig is. Zijn kiezers hebben echte zorgen, maar Wilders is misschien eigenlijk vooral met zichzelf bezig.
Gerelateerde posts:
Michiel Scheffer is Fractievoorzitter van D66 Gelderland en was lijsttrekker in 2011
